q
Lorem ipsum dolor sit amet, consectetuer adipiscing elit, sed diam nonummy nibh euismod tincidunt ut laoreet dolore magna aliquam erat volutpat.
Pasvorm - De bedrijfskledingexpert
15553
page,page-id-15553,page-child,parent-pageid-15434,page-template,page-template-full_width,page-template-full_width-php,ajax_fade,page_not_loaded,,side_menu_slide_with_content,width_470,qode-child-theme-ver-1.0.0,qode-theme-ver-10.0,wpb-js-composer js-comp-ver-4.12,vc_responsive
 

Pasvorm

Pasvorm

Een goede pasvorm is een van de belangrijkste criteria  waaraan een kledingstuk moet voldoen. Maar wat is een goede pasvorm?

Om op die vraag een goed antwoord te geven, moeten eerst het doel en de randvoorwaarden van het kledingpakket bepaald worden. Het spreekt voor zich dat een speciaal op maat gemaakte pantalon een betere pasvorm heeft, dan een wijd joggingbroek model met elastiek in de taille. Het is ook evident dat de eerste optie vele malen duurder is dan de laatste. Dat geldt niet alleen voor het productie proces, maar ook voor het op voorraad houden van het artikel.

In de bedrijfskledingbranche wordt over het algemeen gewerkt met confectie maten. Het verschil met de “normale” kledingbranche is dat de matenreeks waarin de kleding leverbaar is, vaak groter is. De kleding is qua comfort en bewegingsruimte toegespitst op de werkzaamheden die met het betreffende kledingstuk gedaan moeten worden. Bij een gemiddelde groep medewerkers valt tussen de 2 á 5 % van de medewerkers buiten de gebruikelijke matenreeks. Deze medewerkers hebben ook in hun privé kledinggebruik pasvorm problemen en zullen aangepaste kleding moeten hebben.

Over het algemeen kun je stellen dat, naarmate de matenreeks groter wordt, de pasvorm beter zal zijn. Numerieke maten, 36, 38, 40, etc bij de dames en 46, 48, 50, etc bij de heren, hebben een kleiner onderscheid tussen de maten dan Alpha-numerieke maten als S, M, L, etc. Een numerieke matenreeks bestaat al gauw uit  9 of 10  maten, terwijl een vergelijkbare alpha-numerieke matenreeks maar 5 of 6 maten heeft. Voeg daarbij de mogelijkheid voor lengtematen en/of buikmaten, dan verbetert de pasvorm per drager. Uit kostenoverweging komt het voor dat dames herenkleding moeten dragen of er een uni-sex matenreeks gebruikt. Daarmee verslechter je de pasvorm per drager.

De mate van representativiteit en het doel van de bedrijfskleding zou het uitgangspunt moeten zijn voor de keuze van de matenreeks. Uitgebreidere matenreeksen met lengte maten voor een bank- of bali-medewerker; een eenvoudige uni-sex matenreeks voor een medewerker in de voedselverwerkende industrie.

De mate van representativiteit en het doel van de bedrijfskleding zou het uitgangspunt moeten zijn voor de keuze van de matenreeks.

Pasvorm is een persoonlijke beleving en dat maakt de beoordeling lastig. De ene medewerker heeft de kleding graag strak om het lijf en wil een maat kleiner; de ander houdt van ruimvallend en kiest voor een maat groter. Door degelijke maatverschuivingen kunnen oneigenlijke pasvorm problemen ontstaan. Het is raadzaam om te werken met mens maatschema’s waardoor deze “pasvormklachten” ondervangen kunnen worden.

Er is sprake van pasvormprobleem als de kleding, met inachtneming van het bepaalde doel en randvoorwaarden, de werkzaamheden c.q. bewegingsvrijheid belemmert, de functionaliteit van de kleding niet meer gewaarborgd is (knopen die niet dicht kunnen, zakken niet meer kunnen gebruiken, etc.) en de kleding hinderlijk trekt, te lang of te kort is.